Klooster, kanaal en Westerwolde
Ter Apel begon bij het klooster. Vanaf 1465 bouwden de Kruisheren op een beboste zandrug een klooster, waaraan tot 1561 werd gewerkt. Van de 34 kloosters die de provincie Groningen in de middeleeuwen telde, is dit het enige dat nog als klooster herkenbaar is; tegenwoordig zit er een museum in.
Halverwege de negentiende eeuw bereikte het kanaal vanuit Stadskanaal het dorp. Langs het water groeide een veenkoloniaal lint, en het centrum schoof op van het klooster naar de Hoofdstraat bij de Wieke. Begin twintigste eeuw kwamen daar vrijstaande burgerhuizen, een paar villa's en groepjes arbeiderswoningen bij. Aan de oostkant ontstond het tuindorp Agodorp, in de jaren dertig en veertig ten zuiden van het dorp de wijk Burgemeester Beinsdorp, en na de oorlog groeide Ter Apel verder naar het noorden.
Ter Apel zelf telt zo'n 8.700 inwoners en ruim 4.300 woningen. Een op de vijf huizen is van vóór 1945, bijna een derde komt uit de jaren 1945 tot 1975, en vrijstaande woningen vormen de grootste groep. Ruim de helft is een koopwoning (CBS via allecijfers.nl, 2025-2026).